Sterrenplezier.be

 

 

 

 

 

 

 

 

 

18 maart 2009

 

 

Het is niet leuk als je het onderwerp van pesterijen bent. Nog onder de indruk van de waarnemingen van Redfish zag ik vanavond een kans om opnieuw een poging te wagen enkele sterrenstelsels te loggen. De blauwe lucht beloofde mij een heldere nacht, dus ik maakte me geen zorgen.

Ik besloot wat later te gaan waarnemen deze keer, zodat de leeuw wat hoger zou staan. Ook besloot ik vandaag diep in de plaatselijke natuur te gaan waarnemen, zo ver mogelijk verwijderd van alle lichtvervuiling. Daarnaast drukte ik deze keer een twintigtal kaartjes af met de exacte positie van elk op te sporen hemelobject. Om 20.15 wierp ik een eerste blik naar boven. Het zag er goed uit, ondanks de straatlampen zag ik de Grote Beer verrassend helder aan de hemel staan. Een heel verschil met de vorige waarneemavond.

En om 21.30 uur was het dan zover. Ik had er zin in, alles was ingeladen in de auto, ik wierp nog vlug even een blik naar boven. En, en, het grootste deel van de hemel was plots bewolkt!! Ik kon het nauwelijks geloven, dit moest mij weer overkomen!

Ik besloot toch te rijden, niets is zeker als het op het Belgisch weer aankomt, ik zou het ter plaatse wel aanzien. Ondanks de dreiging van de wolken was de rit ontspannend te noemen, ik genoot van de bochten die de oude asfaltweg me aanbood. Buiten een eenzame jogger en enkele boerderijen was de weg volledig verlaten. Na een tijdje draaide ik een zandweg in, en vanaf nu verwachtte ik geen enkele ziel meer tegen te komen. Bossen, velden, weiden, de aardeweg kronkelde en bracht me steeds dieper naar een wereld zonder beschaving. Volgens mijn horloge in slechts tien minuten.

Maar de bewolking was verergerd, ik zag slechts een paar sterren door het wolkendek flikkeren, laag aan de horizon dan nog. Tegen beter weten in besloot ik de sterrenkijker op te stellen en hem te collimeren. Tot ik tot de vaststelling kwam dat mijn vangspiegel los stond en ik geen schroevendraaier bij me had. Een niet te beschrijven teleurstelling overviel me, op deze manier had waarnemen geen enkele zin meer.

Ik begon alles weer in te laden en reed terug naar huis. Thuis begon ik onmiddellijk de kijker te collimeren, en wat een klungelaar ben ik, binnen de kortste keren had ik de collimatie helemaal naar de knoppen geholpen. Ik ben zeker een kwartier bezig geweest om hem terug goed afgesteld te krijgen. Alles leek tegen te zitten vanavond.

Tot ik na het collimeren de auto verder wilde uitladen en ik nogmaals naar boven keek … Jawel, het was terug helder! De Grote Beer stond in alle pracht en praal te pronken! Er was nog wel wat dikke sluierbewolking aanwezig, maar het grootste deel van de hemel was terug open. Verklaar me gek, ik weet het, maar mijn gevoel zei me om terug te rijden.

Toch had ik er geen gerust gevoel in. Op Klara klonk rare atonale muziek, en ik merkte plots een witte poes op in het donker. Niet dat ik bijgelovig ben, maar in het donker kom ik liever zwarte poezen tegen, vraag me niet waarom. En toen ik weer op de aardeweg reed was de hemel zo goed als bewolkt. Ik wilde het uitbrullen, maar om een onbegrijpelijke reden bleef ik de kalmte zelf. Ik keek vanuit de auto naar buiten, en zonder sterren vond ik deze plek eigenlijk maar triestig. Echt donker was het niet, in het westen waren de wolken lelijk orange gekleurd.

Er kwam plots een gat in de hemel, de leeuw stond er ineens. Ik sprong uit de auto en haaste me om de sterrenkijker op te stellen. Ik kon mijn handen zien, in kleur dan nog! Wat was hier allemaal aan de hand? Ik schrok even van een uil die me vlakbij voorbij vloog. Wat een prachtige vogel.

Goed, mijn eerste doel was Ceres. Ik keek nog eens op het kaartje en zette me op de pianostoel. Het waarnemen kon beginnen. Waaauw! Een meteoor in de leeuw! Dit kon je geluk noemen. Haha! Goed, ik klikte de rdf aan. Alleen verscheen er om een onbegrijpelijke reden geen rood puntje, hij deed niets. Miljaar! Ik klikte hem terug uit en klikte hem nogmaals aan. Niets. Ik klikte hem nog een keer aan en begon er tegen te tikken. Maar hij deed niets. Ik tikte er wat harder tegen. Nog steeds niets. Ik sloeg ertegen. Niets. Ik sloot mijn ogen en zuchtte. Ik klikte hem nog een keer aan … en hij deed het weer! Oef! Oef, oef, oef!

Oké, Ceres dus. Mijn ogen hadden zich al wat aangepast aan het donker, ik richtte de rdf en keek door het oculair. Ik stelde scherp. Zwakke sterretjes. Ik keek op mijn kaartje, jawel, ik herkende ze, ik zat vlakbij. Maar de sterren waren plots amper meer te zien. Ik keek even met het blote oog naar de leeuw. Hij stond er nog. Raar. Ik nam mijn barlow erbij, en nu was het beeld nog verslechterd. Ik kreeg geen enkele ster meer scherpgesteld. Had ik iets vreselijks verkeerd gedaan tijdens het collimeren?

Frustratie, stress, hoge bloeddruk en zelfmedelijden. Wat was er aan de hand? Waren de oculairen misschien nog vuil of aangedampt van de vorige waarneemavond. Ik besefte plots dat ik ze thuis niet had nagekeken. Of was er toch iets mis met de collimatie? Ongelooflijk, ik zat op de juiste plek om Ceres te zien, en toch liet dat stuk steen zich niet zien. Ik besloot Saturnus even te pakken om een controle te doen. Ik kreeg hem goed scherp, maar de maantjes waren deze keer onzichtbaar. Er hing een waas rond Saturnus. Ik richtte nogmaals mijn blik naar de leeuw, een waas van sluierbewolking was blijkbaar voor de leeuw gaan hangen.

Het was de genadeslag. Ik keek rond maar zag geen hoop meer. Waarom? Het is een simpele vraag, waarom moet mij dit overkomen? Had ik gewoon thuis moeten blijven toen ik de bewolking zag? Waarschijnlijk wel. Voor de tweede keer begon ik alles op te ruimen en reed ik terug naar huis. Ik kon geen zinnig woord meer zeggen, alleen maar dit: miljaar!



Vorig verslag / volgend verslag
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

_________