Sterrenplezier.be

 

 

 

 

 

 

 

 

 

18 februari 2009

 

 

De zin om dit waarneemverslagje te schrijven ontbreekt me volledig, om de eenvoudige reden dat de bewolking mij te grazen nam. Het is niet de eerste keer dat de weergoden me dit lappen. Ze geven me dan eerst wat hoop, waarop ze ten ongepaste tijde zonder genade het gordijn dicht-trekken.

Toen ik deze avond naar de winkel fietste stond Venus al te schitteren. En het was koud, het vroor al, dus dan denk je toch dat de heldere hemel me niet in de steek zou laten?

Misschien, maar niet op het moment dat ik op mijn waarneemplekje stond. Om 20.30 uur stond alles opgesteld en kon ik eraan beginnen. Het was nog helder, maar de horizon was al bedekt met een laagje sluierbewolking. Ik had enkele objecten willen bekijken die laag aan de horizon stonden, dus dat kon ik voorlopig al vergeten.

Jammer, want de sfeer zat er vanaf het begin goed in. Wat een heerlijk waarneemplekje is dit. Midden in de natuur, en toch tegen de rand van de bewoonde wereld. In de verte hoorde ik enkele kinderen lachen, en vanuit een andere richting kwam dan weer hondengeblaf. Ongelooflijk hoe ver geluiden kunnen dragen. Een waarneemplekje omgeven door weilanden en enkele kleine stukjes bos. Het dichtstbijzijnde bosje stond op ongeveer honderdvijftig meter verwijderd van mijn waarneemplekje. Een bosje met hoge bomen, ik vermoed populieren. Vanuit dat bosje hoorde ik plots een fazant een metaalachtige kreet slaan. En toen ik enkele minuten later in mijn sterrenatlas stond te bladeren hoorde ik vanuit datzelfde bosje een mannetjesuil oehoŽen. Het klonk zo dichtbij dat ik het tot in mijn kleine teen kon voelen. Het gaf bijna een magisch gevoel, ik wist het gewoon, deze uil hield me in de gaten.

Ik weet niet waarom, maar ik heb dit waarneemplekje nog nooit in dagicht gezien. Misschien dat het daarom zo sprookjesachtig aanvoelt. En er moet ergens een paard in de buurt staan, ik hoor het dier mij af en toe begroeten. Alleen zie ik het paard nergens, de klikgeluiden die ik met mijn tong maak doen het paard niet naar mij toekomen. Vermoedelijk staat het dier ergens bij het stalletje dat ik wat verder in een weide zie staan.

Venus staat nog mooi boven de bomenrij. Door de sluierbewolking hangt er een gloed rond Venus, prachtig hoe fel die planeet schijnt. Ik besluit om hem even met de sterrenkijker te bekijken. Met het blauwe filtertje is Venus eigenlijk nog te fel. De schijngestalte is daarentegen wel leuk om zien, het lijkt een verre maan, ik zie een prachtig sikkeltje. Ik besluit het blauwe filtertje te verwijderen en steek mijn polaristatiefilter erbij. Met dit filter is Venus perfect comfortabel te bekijken. Het geeft Venus een karamelachtige kleur. Mooi.

De sluierbewolking neemt toe, de hemel wordt langzaam bedekt. Ik zie het met lede ogen aan. Ik trek mijn handschoenen aan en wacht, de hoop is nog aanwezig. Orion laat zich niet doen, ondanks de sluierbewolking is de Orionnevel nog steeds met het blote oog zichtbaar. Sirius daarentegen houdt nog dapper alle sluierbewolking van zich af. Een vliegtuig vliegt rakelings onder Sirius door, het rode en witte geknipper is duidelijk zichtbaar. Een tweede vliegtuig lijkt wel in achtervolging. Ik zie de afstand tussen beide vliegtuigen verkorten, en even later lijkt het of het tweede vliegtuig het eerste vliegtuig langs boven gaat inhalen.

Zo ver is het dus gekomen, dat ik naar vliegtuigen zit te gapen in plaats van naar de sterren. Ik wacht het nog af tot het 21.30 uur is. Venus staat op dit moment al achter de bomenrij en heeft een geelachtige kleur gekregen. De hemel is nu zo goed als volledig bedekt met een dikke sluierbewolking, en er lijkt geen beterschap op komst. Ik krijg het kou van het wachten, het nietsdoen zuigt alle energie uit me weg. Jammer, maar het heeft niet mogen zijn.

 


Vorig verslag / volgend verslag

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

_________