Sterrenplezier.be

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

15 december 2009

 

 

 

Het zou bewolkt worden, wisten ze mij op mijn werk te vertellen. Frank Deboosere had het gezegd. En ondanks de prachtig blauwe hemel sloeg de onrust toe. Wat als ze gelijk hadden? Wat als het echt zou dicht-trekken? De drang om eindelijk nog eens door die sterrenkijker te kunnen kijken was overweldigend. Een bewolkte avond was deze keer echt geen optie. Ik zou kuren doen.

Na het eten haaste ik me dus naar de tuin in plaats van naar de waarneemplek. Stel dat Frank gelijk had. En in het westen zag ik al wol-ken hangen. Elke seconde telde.

Maar de tuinhemel blaakte van het licht, en buiten een leger van lantaarnpalen bleek ook de buurman zijn nieuwe tuinverlichting trots aan de buitenwereld te tonen. De oostelijke hemel leek hierdoor wel besmet te zijn door een opkomende volle maan. Zo ontzettend frustrerend.

Ik begon met NGC1664 te zoeken, een open sterrenhoop in het sterrenbeeld Voerman. Zijn positie leek me duidelijk, en toch kreeg ik dit hoopje niet te pakken. Zoekend in de lichtprut bleef deze sterrenhoop onzichtbaar voor mijn 25mm Plössl. Na lang zoeken besloot ik mijn barlow er bij te nemen en vergrootte ik 52 maal. Onverwacht kreeg ik hierop een zwak hoopje onder ogen. Een hoopje van een tiental sterren, onregelmatig van vorm. Sterren die zo ontzettend zwak zichtbaar waren dat ze zich vermomden in een geheimzinnig wolkje. Ik vergrootte tot 130 maal, maar dit gaf geen bijkomende details vrij.

Geïrriteerd liep ik hierop naar de buurman en belde ik aan. De bel bleek een kerstmuziekje te zijn, en tot mijn ergernis deed er niemand open. Meneer de inbreker: waag je kans. Een zaklamp heb je hier niet nodig. Zelfs een grijze dag is donkerder.

NGC1817 en 1807 dan, in het sterrenbeeld Stier. Ik heb een kwartier moeten staren, afwisseld met het blote oog en de verrekijker, voor ik een beetje zeker was waar ik ze kon vinden. En dan begon het gezoek in het oculair. Iets vinden geeft mij vaak een kick, maar het mag ook niet te lang duren. Gelukkig vond ik ze uiteindelijk dankzij de beschrijving van Demelza. Bij 26 maal zijn beide hoopjes mooi beeldvullend te zien, ook nog bij 52 maal. NGC1817 geeft een tiental sterren prijs die in een vreemde kromme rij staan. NGC1807 is armer, ik tel een zestal sterren. Onder een donkere hemel komt dit paar waarschijnlijk meer tot zijn recht, maar soit, ik was al blij dat ik iets nieuws gevonden had.

De wolken aan de horizon bedreigden me al heel de tijd trouwens. Nevelslierten rolden als dikke Amerikanen richting zenit. Onrustig begon ik het volgende object te zoeken: NGC1023, een sterrenstelsel in het sterrenbeeld Perseus. De plaats van dit stelsel was bijna in het zenit gelegen, dus ik gaf mezelf een redelijke kans. Het duurde even voor ik me kon oriënteren, maar na wat gezoek richtte ik de sterrenkijker naar de plek to be. Alleen vond ik geen enkel vlekje. Niets. En misschien zat de sluierbewolking op die plek er ook voor iets tussen, maar het besef dat ik buiten die red dot finder ook een fatsoenlijke zoeker nodig heb sloeg in als een miniatuurbeeld van de Dom van Milaan. Ook de overige objecten die ik nog wilde zoeken leken mij moeilijk te vinden met slechts een red dot finder als gids.

De moed zonk me een beetje in de schoenen. Ik had plots geen zin meer om alle energie aan het zoeken te verspillen. De drang om een schetsje te maken kreeg de overhand. Ik besloot iets simpels te kiezen en richtte naar het sterrenbeeld Draak. Maar ook deze regio was een hel van licht, afkomstig van de openbare parking achter mijn tuin. Een cluster van lantaarnpalen die de concurrentie met de palen op de autostrade makkelijk zou kunnen aangaan, stond daar voor niets van Jan te geven. Wat een waanzin, terwijl iedereen binnen zat, achter gesloten gordijnen en rolluiken, stonden hier alle mogelijke lantaarnpalen de nacht te verlichten voor … ja voor wie eigenlijk??? Ben ik de enige in dit dorp die dit crimineel vind? Mankeer ik iets?

Ondanks die verschrikkelijke lelijkheid der dingen richtte ik de sterrenkijker naar Kemble 2, een asterisme dat gelijkt op een miniatuurversie van Cassiopeia. Ik had het vlug gevonden, en zelfs de slechte omstandig-heden konden niet beletten dat het schetsvirus steeds harder door mijn vingers begon te kriebelen. Het leuke aan Kemble 2 is dat je enkele oranje sterren in de W kunt vinden. En daarnaast is de geelkleurige ster X Draconis nog net in hetzelfde beeldveld te bewonderen, wat het asterisme toch iets extra’s geeft.

Ondanks de melkachtige hemel slaagde ik er in om plezier te beleven in mijn gepruts. Na een laatste controle stak ik het schetsje voorzichtig in mijn kaft. Er was nu geen wolkje meer te bespeuren, ik keek naar een volstrekt heldere hemel. Was ik maar naar de waarneemplek gereden. Maar ondanks mijn twee paar wollen kousen hadden mijn voeten ondertussen de temperatuur van het bevroren gras overgenomen. Het was een soort koude die alleen maar erger werd en aan mijn lijf vreet als een kolonie hongerige mieren. Zwak dat ik ben verlangde ik alweer naar die warme woonkamer. En nu ik hier zit denk ik nog maar aan één ding: ik wil morgen weer.

 


Vorig verslag / volgend verslag

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

_________