Sterrenplezier.be

 

 

 

 

 

 

 

 

 

14 februari 2009

 

 

Goed. Ik heb mijn kijker nog eens gecollimeerd, het batterijtje van de rdf vervangen, de rdf opnieuw uitgelijnd, ik heb een waarneemlijstje op-gesteld, ik heb er sterrenkaartjes aan toegevoegd, de warme chocomelk zit in de thermos, en ik heb een wortel bij voor de Eenhoorn. Kan er eigenlijk nog iets misgaan vanavond?

Ik heb zelfs een onderbroek met lange pijpen aangetrokken, alleen zit het ding niet echt lekker, aan mijn enkels is hij veel te strak, en aan mijn middel kan er nog iemand bij. Soit, misschien went het wel na een tijdje, een broeksriem houdt in ieder geval alles op zijn plaats.

Met de auto een kort stukje rijden. Niet helemaal naar de heide, maar ergens op een verlaten landweggetje, weg van de straatverlichting, maar toch nog met een thuisgevoel. De hemel is in ieder geval al een stuk donkerder dan in mijn tuin.

De eerste beelden door mijn oculair zijn hoopvol, collimeren loont echt wel de moeite, wat een scherpte! Ik begin met een open sterrenhoop in Orion, NGC 1662, te vinden in de boog van Orion. Vlug gevonden, bij 26x zie ik een groepje van een zestal sterretjes, bij 130x komt de sterrenhoop volledig tot zijn recht, het lijkt wel een mini-Melotte 111. Even bekruipt mij het gevoel om hem te schetsen, maar ik wil vanavond zoveel mogelijk objecten van mijn waarneemlijstje bekijken, dus ik besluit er gewoon nog even naar te kijken.

Maar ook weer niet te lang natuurlijk, want het volgende object is een leuke uitdaging, de planetaire nevel NGC 2392, bijgenaamd de Eskimonevel. De schets die Jan van Gastel maakte toen hij de nevel met een 50 cm bekeek spookt nog door mijn hoofd, maar hoe zou hij er door mijn 13 cm uitzien?

Voor alle zekerheid heb ik een sterrenkaartje afgedrukt, en bij het zoeken merk ik dat dit geen overbodige luxe is, alleen met de Pocket Sky Atlas erbij had ik hem nooit gevonden. Met behulp van enkele herkenbare sterrenpatronen kom ik uiteindelijk op de plaats waar de nevel te vinden moet zijn. Bij 26x zie ik twee sterretjes dicht bij elkaar, het lijkt bijna een dubbelster, alleen lijkt het bovenste sterretje ietsjes waziger/onscherper dan het andere. Bij 52x wordt dit effect nog iets duidelijker zichtbaar. Maar geen gezever, ik gooi er onmiddellijk mijn 5mm-oculair tegenaan en vergroot 130x. Bingo, ik heb hem! Noem het een pluizig sterretje. Meer kan ik er echt niet van maken, gewoon een pluizig sterretje. Maar wel heel speciaal dus, haha, dit geeft toch wel enige voldoening. Leuk!

Nog in de Tweeling, de open sterrenhoop NGC 2129, redelijk dicht bij M35. Alleen krijg ik dit groepje niet te pakken, M35 sluipt telkens weer in mijn beeldveld. Prachtige sterrenhoop, die M35 blijft toch elke keer weer verbazen. Ach, loop weg NGC 2129, ga iemand anders zijn tijd verspillen. Ik blijf gewoon nog even genieten van M35.

Hierna ga ik even op visite bij de Grote Hond, naar de open sterrenhoop Collinder 121. Ik las dat Demelza er een saxofoon in herkende, dus dat leek me wel een leuk doelwit. Collinder 121 is makkelijk te vinden, ik heb hem vlug in beeld. Het doet me een beetje aan Steph 1 denken, want ook hier zie ik een open sterrenhoopje rondom een heldere orangekleurige ster. Wel redelijk verspreid, klein vergroten is een must voor deze sterrenhoop. Een sax herken ik er echter niet in. Maar toch wel een aangenaam cluster.

Tijd voor een volgende uitdaging, een nieuwe Messier, M48. Vorig jaar heb ik er een paar keer vruchteloos naar gezocht, ik hoop hem nu eindelijk te kunnen zien. Eerst even met het blote oog naar de Eenhoorn gezocht. Wat een zwakke sterren, maar nog net zichtbaar bij geconcentreerd turen. Ik richt de rdf, en voordat ik beide assen vastdraai kijk ik alvast door mijn oculair. En wat een gelukstreffer, hij staat door gewoon, M48 staat onmiddellijk in mijn beeldveld!

Ik draai de twee assen van mijn montering vast en begin hem te verkennen. Een duidelijke Messier-sterrenhoop, een groot cluster, redelijk zwakke sterren wel, niet zo mooi als M35, maar toch, een sterrenhoop die de naam Messier verdient! Klein vergroten is het mooist, ik steek mijn barlow er even bij maar dat levert niet veel op. Nee, gewoon klein vergroten dus, en even de lege omgeving rondom de sterrenhoop verkennen, en de hoop langzaam weer midden in beeld zetten. Knap, ik heb hem, ik heb hem!

Nog in de Eenhoorn, de open sterrenhoop NGC 2301. Bij het opstellen van mijn waarneemlijstje ik had gelezen dat dit cluster een ‘Hidden Treasure’ is en ook wel de Hagrid’s Dragon genoemd wordt, naar de boeken van Harry Potter. Een mooie schets op deepskylog doet me besluiten dat ik deze sterrenhoop niet mag missen. En tot mijn opluchting heb ik hem vlug gevonden, bij 26x zie ik een klein sterrenhoopje, maar nog niet de pracht die ik ervan verwachtte. Vol spanning steek ik mijn barlow erbij, en … wat een PRACHTIGE sterrenhoop! Ongelooflijk, het lijkt wel een vliegende draak, een wolkje van sterren dat dwars tegen een zigzag-lijn van heldere sterren staat, wat een prachtige vorm. De rillingen lopen over mijn lijf, ik neem mijn 5mm-oculair, maar bij 130x past het geheel niet meer volledig in het beeldveld, slechts 52 maal vergroten blijkt ideaal te zijn. Wat een plezier. Het is mij duidelijk dat de Eenhoorn mijn wortel wel lust!

Ik blijf in de buurt, en reis even naar de open sterrenhoop NGC 2244, midden in de Rosettenevel. Een speciaal hoopje sterren, noem het een balkje van zes sterren, waarbij met een hogere vergroting te zien is dat de twee middelste sterren een dubbeltje hebben. Voor de grap neem ik er even mijn UHC-E filter bij, maar van een nevel is geen spoor te zien. Maakt niet uit.

Het is tijd voor een meervoudige ster, Bèta Monoceronis. Bij 26x zie ik slechts één ster. Haha, de spanning stijgt, ik neem mijn barlow erbij en vergroot 52x. En nu zie ik twee sterren! Geen drie, al probeer ik er wel drie te zien, ik tuur, ik zet mijn bril af en neem mijn ooglapje erbij, maar het blijven slechts twee sterren dus. Goed, ik ben benieuwd, ik vergroot 130x. En ik tuur nogmaals, ik tuur, ik tuur…en ik zie drie sterren!!! Jawel, alledrie dezelfde helderheid, alleen staan twee van de drie ontzettend dicht elkaar, maar ik zie ze duidelijk gescheiden van elkaar. Dit vind ik nu echt leuk dus. Kicken. Wat een prachtig sterrenbeeld is die Eenhoorn.

Ik wil meer! Tijd voor een asterisme, de hoorn van de Eenhoorn, Star 17. Te vinden tussen de sterren Bèta Monoceronis en Theta Canis Major. Na een minuutje zoeken heb ik hem gevonden, leuk! Dit object kan je makkelijk hoog vergroten, ik zie hem het mooiste bij 130x. Een zes à zeven sterren in de vorm van een hoorn. Of meer een frietzak eigenlijk, hihi.

Het lijkt wel of alles meezit deze avond. Kou heb ik niet, behalve mijn handen. Maar waarnemen met handschoenen vind ik zo onhandig. Maar goed, het zou leuk zijn moest ik nog een mooie afsluiter hebben. De Grote Beer staat er machtig bij, de steel staat recht naar boven. Ik probeer de planetaire nevel M97 op te zoeken, de Uilnevel. En ook deze heb ik vlug gevonden, al is hij ontzettend zwak te zien, perifeer kijken is nodig. Ontzettend wazig, wel een heel verschil met de Eskimonevel, een stuk groter en ook waziger, helemaal geen pluizig sterretje.

Ik kijk op mijn horloge, het is bijna middernacht, een mooi moment om af te sluiten. En ik ben meer dan tevreden, dit was een heerlijk avondje.


Vorig verslag / volgend verslag

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

_________