Sterrenplezier.be

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

6 maart 2010

 

 

 

‘Alle begin is moeilijk, Jurgen. Trek het je niet aan.’

Een troostende stem in mijn hoofd, daar moest ik het zo’n beetje mee doen. En laat ik maar meteen met de deur in huis vallen: ik ben gevallen over de Maagd. Hoe kon ik in godsnaam zo naïef zijn?

Maar laat ik beginnen bij het begin, en de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat niet alles een fiasco was. Zoals het eerste object dat ik bekeek: M64 in het Haar van Berenice, the Black Eye Galaxy genaamd. Bij 48 maal was dit sterrenstelsel al fascinerend mooi. De duidelijke verheldering naar het midden toe viel mij als eerste op, en na wat langer turen zag ik dat het stelsel schuin naar boven gericht stond. Toch keek ik niet tegen de zij-kant van het stelsel aan, want bij momenten zag ik ook aan de rechter-zijde een duidelijke (ronde) verdikking. Ook met de barlow erbij alsook met het 5mm Stratus oculair (240x) liet dit stelsel zich nog mooi zien. Dit was al veelbelovend.

Ik stond deze keer op een open plek waar ik nog nooit eerder gestaan had, op een paar honderd meter van een bosrand. De sterrenhemel stond er prachtig bij, alleen bleek de gloed van de autosnelweg E34 nog boven het bos uit te komen, en nét daar stond de Maagd natuurlijk. Maar goed.

Het volgende doelwit was het sterrenstelsel M85 in het Haar van Bere-nice, die zich een stuk kleiner liet zien dan de Black Eye Galaxy. Er vielen mij twee zwakke sterretjes op die in hetzelde beeldveld stonden. Ze vormden met M85 een ongelijkzijdige driehoek, en in vergelijking met deze twee sterretjes liet M85 zich bij een vergroting van 48 maal (Sirius Plössl) zien als een wazig, uitgesmeerd sterretje. Heel zwak te zien dus.

Met de barlow erbij liet M85 zich al een stuk duidelijker zien en viel mij ook een zwak sterretje op in de wazige rand van M85. Fascinerend, want ik twijfelde lang of dit nu een sterretje was of een tweede galaxy. Het leek wel een modelbouwversie van de Wirlpool Galaxy (toen ik achteraf op deepskylog checkte bleek het sterretje gewoon een sterretje te zijn en geen galaxy).

Maar … laat ik voor ik verder ga misschien eerst de objecten beschrijven die ik nog wél gevonden heb. Een bolhoop, M53 meerbepaald, nog steeds in het Haar van Berenice. Met de 13 cm Newton had ik hem al eens be-keken en kon ik hem niet oplossen. Met de 25 cm liet hij zich nu bij 48 maal zien als een wazige vlek, met duidelijk een verheldering naar het midden toe. Bij lang turen viel mij welgeteld één ster op in die wazige rand. Een verbazend heldere ster eigenlijk, in vergelijking met die zwakke wazige rand. Hogere vergrotingen maakte de bolhoop niet veel korreliger, al veranderde de vorm wel meer in een verfrommeld papierje dan in een bol.

De dubbelster Algieba in de Leeuw. Vreemd, als ik terugkijk in mijn ver-slagjes merk ik dat ik Algieba met de 13 cm oranjekleurig zag. Nu zag ik hem meer geelachtig, maar in tegenstelling tot de 13 cm kreeg ik hem nu wel gesplitst. Bij 48 maal zag ik al dat er een dubbeltje tegen kleefde, al plakte hij nog steeds tegen de hoofdster aan. Met de barlow kwam het dubbeltje wel mooi los van de hoofdster. In dezelfde kleur trouwens, maar wel een formaatje kleiner. Mooi.

Nog één topper te gaan, in de Grote Beer namelijk: M101. Een ont-zettend ijl maar onverwacht grote ronde vlek die zich het beste liet zien bij 48 maal. Wazig, zonder enige verheldering in de kern, zo zwak zichtbaar dat je er bijna over zou kijken. Redelijk wat heldere sterren in de buurt van dit stelsel. Ondanks de zwakte toch een ongelooflijk knap en vooral ook origineel zicht. Een meevaller.

Vergeet nu de drie vorige waarnemingen en ga even terug waar ik eindigde bij M85. De bedoeling was om langzaam verder naar beneden te zakken en op de zachte borst van de Maagd te landen. Zo was mijn volgend doelwit M100, die ook nog in het sterrenbeeld Haar van Berenice te vinden is. Maar hoe goed ik ook zocht, M100 liet zich niet zien.

Natuurlijk had ik wel wat tegenstand verwacht en had ik daarom ook wat kaartjes van Stellarium afgedrukt. Maar ik had me duidelijk niet genoeg voorbereid en al mijn hoop op de object locator gericht. Het ding gaf een warpfactor van 0,1 aan, doch de meeste objecten bevonden zich bij het opzoeken nog steeds ergens uit het beeldveld, weliswaar vlakbij, maar altijd buiten het beeldveld. Al moet ik toegeven dat ik bij de uitlijning ge-woon het 25mm oculair gebruikte en niet een 10mm oculair, zoals aan-bevolen wordt in de gebruiksaanwijzing.

Ook M88, M91, M59, alsook andere stelsels die mee in het complot zaten probeerde ik te vinden, waarbij ik op meerdere van die dingen botste maar ik begot niet wist naar welke ik keek. Wat een doolhof. Ik verloor mezelf in de ogen van de Maagd, waardoor ik duizelend naar beneden viel en ik me wanhopig aan haar borst probeerde vast te klampen. Zonder goede kaarten is het volgens mij onmogelijk om in dit oerwoud de weg te vinden.

De tijd vloog voorbij tijdens dit hopeloos gezoek, waarbij ik als ge-hypnotiseerd naar stelsels keek die mij genadeloos naar een doodlopende steeg stuurden. En de wind bleek mee in het complot te zitten, waardoor de afgedrukte kaartjes van Stellarium zich gedroegen als nieuwsgierige peuters die je geen seconde uit het oog kon laten.

Daarbij ging de ijskoude wind door merg en been en bleken mijn vingertoppen op den duur gewoon gevoelloos geworden te zijn. En ik werd dan nog eens afgeleid door een onbekend beest dat vanuit het bos een angstaanjagend gekrijs al blaffend over de vlakte liet galmen, waardoor ik elk moment vreesde in de rug aangevallen te worden.

Nee, mijn flirtpoging met de Maagd bleek niet succesvol te zijn. Het lukte voor geen meter, en ik voelde me steeds minder op mijn gemak op deze vreemde plek. De koude bleek uiteindelijk ook de doorslag te geven, waardoor ik alles begon op te ruimen en met een wrang gevoel bleef zitten. Ondanks dat stemmetje in mijn hoofd, dat me nog steeds al sus-send toefluistert:

‘Alle begin is moeilijk, Jurgen. Trek het je niet aan.’

 

Vorig verslag / volgend verslag

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

_________