Sterrenplezier.be

 

 

 

 

 

 

 

 

 

01 juni 2009

 

 

Het is zondagnacht, volgens mijn nieuwe Casio exact kwart voor twee. Met mijn 10x50 verrekijker in de hand schuifel ik voorzichtig op mijn sloefen naar de achtertuin. Een kwartier waarnemen is het doel. Een kwartier.

Enkele uren daarvoor lag ik nog ontspannen in de rode lederen fauteuil, met mijn hoofd op de schoot van mijn vriendin, zwevend in een toestand tussen wakker zijn en slapen. Tot het sluimeren beëindigd werd door een steeds rusteloos wordende schoot. “Ik ga slapen, ga je mee?”. Het was toen bijna middernacht.

De vraag werd gevolgd door een korte stilte. Ik was moe, kapot, de onregelmatige diensten hadden mijn lichaam gekraakt, en de volgende dienst die eraan kwam was alweer een nachtdienst. Mijn bioritme bleek verworden te zijn tot een atonale symfonie van Schönberg. Toch wilde ik nog niet gaan slapen. “Ik kom zo meteen schat, ga jij al maar naar boven.”

Het volgende ogenblik zat ik alleen in de woonkamer, te gapen naar Stellarium. Maar mijn concentratie liet me in de steek, en de zin om naar buiten te gaan ontbrak me volledig. In plaats daarvan klikte ik de website van Canvas open, waar ik allerlei leuke filmpjes tegenkwam. Tot het uiteindelijk kwart voor twee was, en ondanks de moeheid kon de nieuwsgierigheid me toch naar buiten lokken.

En hier zit ik nu, in de tuin, omgeven door de massavervuiling van nutteloos brandende lantaarnpalen. Lang geleden dat ik hier nog zat, maar voor slechts een kwartiertje kijken wil ik niet klagen. De rugleuning van de tuinstoel is helemaal naar achter geklikt, en ik speur de hemel af met mijn verrekijker. De maan blijkt tot mijn voldoening de aftocht geblazen te hebben.

Mijn ogen moeten even wennen aan het donker, en zowaar, geloof het of niet, in de Zwaan zie ik een zachte waas van melkweg, zelfs in dit lichtvervuild gebied. Ik probeer M29 te vinden met de verrekijker, maar ik zie hem niet. Wat ik wel zie zijn enkele prachtige sterren vlak boven Denep. Twee staan dicht bij elkaar en lijken een dubbelster, hun kleuren zijn magisch mooi. Terwijl de ene diep oranje is zie ik bij de andere een prachtig blauwe kleur. Vlakbij staat nog een andere oranjekleurige ster, heerlijk.

Met het rode lichtje in de aanslag ga ik terug naar de woonkamer. Mijn draaibaar sterrenkaartje en pocket sky atlas liggen boven, en ik wil mijn vriendin niet wekken. Stellarium is daarom mijn leidraad, en de twee sterren blijken Omicron 1Cyg te zijn en 30 Cyg. De andere oranje ster in de buurt is Omicron 2Cyg.

Ik haast me terug naar de tuin en zet me weer in de tuinzetel. Met het blote oog herken ik het naastgelegen sterrenbeeld Cepheus, waar ik nog een oranjekleurige reus van formaat tegenkom: Mu Cep, the Garnet Star. De diep oranje kleur van deze ster slaat me vol in het hart.

Ook de Kleine Beer blijkt met het blote oog mooi te zien te zijn vanuit mijn tuin. Ik richt de verrekijker even naar de poolster, en Star 1, ook de verlovingsring genoemd, valt me onmiddellijk op. Zonder storend maanlicht is dit asterisme door de verrekijker prachtig te zien en valt de deuk in de ring duidelijk op.

Ik struin terug richting Zwaan, waarop ik plots in het oerwoud van sterren over een open sterrenhoop struikel. De sterrenhoop lost duidelijk op in sterren, en bij perifeer kijken doemen er nog een hoop kleinere sterren op in de hoop. Voor de tweede maal loop ik terug naar binnen en bekijk ik Stellarium. De sterrenhoop blijkt M39 te zijn. Zonder twijfel een niet te missen verrekijkerobject.

Een kwartier vliegt zo voorbij tijdens het waarnemen, ik draai de tuinstoel wat meer naar het zuiden, en na wat zoeken herken ik het sterrenbeeld Hercules. De bolhoop M13 heb ik vlug gevonden, zichtbaar bij direct kijken, doch perifeer nog duidelijker te zien. Ook bolhoop M92 laat zich mooi zien door de verrekijker.

Weer loop ik naar binnen, en Stellarium herinnert er mij aan dat de Arend onder de Zwaan te vinden is. Langzaam verken ik het sterrenbeeld met de verrekijker, tot plots een nevelig vlekje mijn aandacht trekt. Ik neem mijn groen laserpennetje erbij en richt naar de plek die ik onder ogen zie. Vervolgens laat ik de verrekijker zakken en kijk ik naar welke plek de laser gericht staat. Weer loop ik naar binnen. Het blijkt M11 te zijn, the Wild Duck Cluster.

Ik richt de verrekijker terug naar de Arend en laat hem nu wat meer naar de horizon zakken, waarop ik plots op een sterrenhoop bots die ik nog nooit eerder gezien heb. Heel zwak zie ik wat sterretjes in de wazige hoop, en de hoop is gevangen onder een boog van sterren. Geen idee naar wat ik zit te kijken, maar mijn lichaam reageert onmiddellijk door waanzinnig veel adrenaline aan te maken.

Allemachtig, nondedju, kom dat zien! Ik kan het amper geloven, ik kom plots het ene vlekje na het andere tegen! Bij sommige vlekjes heb ik de indruk dat ik niet naar een nevel van onopgeloste sterren zit te kijken, maar echt naar … nevel!! Ik kan het amper geloven, ik ontdek hier even de ene nieuwe Messier na de andere, en dit gewoon met mijn verrekijker!!

Onder hoogspanning loop ik terug naar binnen. De sterrenhoop die onder een boog van sterren schuilt blijkt M25 te zijn. Ik klik mijn website open en scroll … jawel, M25 heb ik nog nooit eerder gezien! Terug naar Stellarium valt mijn mond open. Ik blijk onder het sterrenbeeld Schild beland te zijn, waar de ene na de andere nevel te vinden is.

De Arendsnevel, de Omeganevel, de Lagunenevel, de open sterrenhoop M18, ik verdwaal in al deze pracht en heb moeite om te weten welke ik allemaal onder ogen zie. Met het blote oog is weinig te zien op die plek, zelfs het sterrenbeeld Schild laat zich onderaan niet zien. Met de verrekijker herken ik gelukkig de ster Gamma Sct, die me vervolgens naar M16 leidt, de Arendsnevel. De vraag die op mijn lippen ligt is of ik echt nevel zie of onopgeloste sterren.

Hierop zak ik met de verrekijker tot ik op het wazige vlekje M18 land, waarbij ik door de verrekijker toch duidelijk een open sterrenhoopje herken. Vervolgens kom ik M25 bij toeval nog een keer tegen, waarop ik de verrekijker nog een stuk dieper laat zakken, ik dwaal steeds meer af, waarop mijn mond plots weer openvalt en mijn hart een slag overslaat.

Halleluja, wat is dit prachtig, ik schat een viertal sterren, horizontaal op een ongelijke lijn, vlakbij elkaar. En midden in die sterren zie ik een wazig vlekje, bijna een puntig vlekje. Mijn buikgevoel zegt me onmiddellijk dat ik naar een nevel zit te kijken.

Ik weet het, ik zou maar een kwartiertje waarnemen, maar er is geen terugweg meer mogelijk, ik ben in een veld van rijkdom gesprongen, hier ligt een on-ontgonnen gebied te wachten, wie weet wanneer krijg ik nog de kans om dit nogmaals te bewonderen. Ik leg mijn verrekijker neer en ga nogmaals naar binnen, niet naar de woonkamer, maar naar de fitnessruimte, waar de sterrenkijker in gedeeltelijk gedemonteerde toe-stand op mij ligt te wachten.

Het enige bezwaar is dat mijn vriendin boven deze ruimte ligt te slapen. Ik probeer daarom zo stil mogelijk te zijn, maar het volgende ogenblik stoot ik met de driepoot tegen de aluminium deur, wat in de stille nacht een opvallend hard geluid veroorzaakt. Tot overmaat van ramp blijkt het ijzeren oculairenhoudertje los op de driepoot te rusten, waarop het met een kletterend lawaai op de grond terechtkomt.

Ik houd mijn adem in, ik vervloek mezelf. Lieve vriendin, slaap alsjeblieft verder. Neen, dit is geen inbreker, voel gewoon even in bed, ik lig er nog niet in, ik ben het maar schat. Dubbel voorzichtig neem ik alles mee naar buiten, waarop ik de sterrenkijker zo snel mogelijk paraat maak.

Ik richt de sterrenkijker naar Gamma Sct, en als het goed is verschijnt daar M17, de Omeganevel in mijn beeldveld. Ik zie een langwerpige dikke streep, het lijkt wel de staart van een komeet. Ik vergroot tot 130 maal en schroef mijn UHC-E filter op het oculair. De nevel wordt nu nog duidelijker zichtbaar. Wat een onverwachte pracht, en ik die dacht dat ik het met mijn 13 cm wel zo’n beetje gezien had. Dit is bangelijk mooi.

Vlak onder M17 beland ik bij de open sterrenhoop M18, een redelijk verspreid clustertje, bij 52 maal het mooiste te zien. Ik zoek hierop naar M25, maar met de sterrenkijker slaag ik er niet in om die te vinden. Miljaar!

Plots dwaalt er een bolhoop door mijn beeldveld, geen idee welke het is, geen idee of ik hem al eens gelogd heb, hup weg ermee, ik wil verder, naar die door de verrekijker oh zo prachtige M8, de Lagunenevel. Ik moet er ook even de verrekijker bijnemen om hem wat beter te lokaliseren, en na wat zoeken vind ik hem vlak boven het dak van de buren. Hij lijkt nu minder duidelijk zichtbaar dan daarstraks, en ik krijg een raar gevoel, het lijkt precies al licht te worden. In de verte kraait een haan.

En plots heb ik hem, ik zie de enkele sterren die ik door de verrekijker zag, met het puntje nevel er midden in. Ik vergroot 52 maal en schroef het UHC-E filter op het oculair. De kwijl loopt plots uit mijn mond, ik kijk en blijf kijken, en hoe langer ik kijk hoe meer nevel er te voorschijn komt. Maar ik ben te gespannen om hem ontspannen te bekijken, het dak van de buren komt alsmaar dichter bij M8 terecht.

Ik kijk naar het oosten, en er is geen ontkomen meer aan, het wordt licht. Ik kijk op mijn horloge, de wijzers vertellen me dat het kwart voor vier is. Nog natrillend van de waarneemspanning probeer ik alles zo zachtjes mogelijk op te ruimen.

Hierop ontkleed ik me in de badkamer en sluip ik poedelnaakt naar de slaapkamer. Ik wil in bed kruipen maar stel plots vast dat mijn vriendin op mijn plaats ligt. Ze ligt midden in bed, terwijl ze normaal altijd tegen de rand van het bed ligt. Voorzichtig kruip ik erbij, maar ze heeft zoveel laken naar zich toegetrokken dat mijn linkerbil volledig ontbloot blijft. Zou ze slapen of slechts alsof doen? Als dit maar goedkomt …


Vorig verslag / volgend verslag

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

_________